Bezoldigingsverordening
In een bezoldigingsverordening zijn alle regels met betrekking tot het toekennen van de bezoldiging opgenomen.
De bezoldigingsverordening moet op lokaal niveau worden vastgesteld. Met andere woorden: de bezoldigingsverordening kan per gemeente verschillen. De kaders van de bezoldigingsverordening worden gegeven in hoofdstuk 3 van de CAR-UWO .
Het LOGA heeft een voorbeeld bezoldigingsverordening opgesteld.
Begrippen in bezoldigingsverordening
De onderstaande begrippen moeten voorkomen in de bezoldigingsverordening. Hierbij moeten de definities zoals weergegeven in artikel 3:1 tweede lid van de CAR worden gebruikt.
Inhoud van de bezoldigingsverordening
Wat onder meer voorkomt in de bezoldigingsverordening:
- De geldende salaristabellen
- Nadere regels over de wijze van inschaling
- Het al dan niet toekennen van (extra) periodieken
- Salaristoekenning bij bevordering
- Instrumenten van flexibele beloning (zoals bijvoorbeeld persoonlijke toelage of arbeidsmarkttoelage)
- Alle toelagen en vergoedingen (zoals bijvoorbeeld overwerktoelage, consignatietoelage, toelage onregelmatige dienst, waarnemingstoelage, inconveniëntentoelage en afbouwtoelage).
CAR-UWO artikel
Artikel 3:1
Lees de letterlijke tekst van deze artikelen
Aan de informatie op deze site kunnen geen rechten worden ontleend.