Inschaling
In de lokale bezoldigingsverordening worden nadere regels gesteld omtrent inschaling.
Bij indiensttreding onderhandelen werkgever en medewerker onder andere over de manier waarop de inschaling geschiedt. Ook over overige componenten van de bezoldiging, zoals een arbeidsmarkttoelage, kan onderhandeld worden.
De bezoldiging wordt bepaald met inachtneming van de aard van de betrekking en de wijze waarop de medewerker deze vervult. Ook bekwaamheid en geschiktheid voor werkzaamheden die niet tot de eigenlijke betrekking behoren kunnen hierbij in aanmerking worden genomen.
Daarnaast kunnen leeftijd en dienstjaren van de medewerker ook van betekenis zijn bij de bepaling van de bezoldiging.
Oude of nieuwe structuur?
Er zijn twee salarisstructuren voor gemeentelijke medewerkers, de oude en de nieuwe salarisstructuur. Het is de bedoeling dat uiteindelijk de oude salarisstructuur verdwijnt. Om dit te bewerkstelligen zijn de volgende overgangsregels opgesteld:
- Medewerkers die worden aangesteld en die daarvoor geen betrekking vervulden waarop de oude salarisstructuur van toepassing was, komen direct terecht in de nieuwe salarisstructuur.
- Medewerkers die aansluitend op een betrekking waarop de oude salarisstructuur van toepassing was een nieuwe betrekking gaan vervullen waaraan een beter salarisperspectief is verbonden, in de vorm van een hogere functieschaal en/of uitloopschaal, gaan bij aanvaarding van deze nieuwe betrekking over naar de nieuwe salarisstructuur.
- Medewerkers waarop de oude salarisstructuur van toepassing is en die het maximum van de functieschaal hebben bereikt (of als de gemeente gebruik maakt van uitloopschalen het maximum van de uitloopschaal) stromen door naar de nieuwe salarisstructuur op de datum van het bereiken van het maximum.
CAR-UWO artikel
Artikel 3:1:1
Lees de letterlijke tekst van deze artikelen
Aan de informatie op deze site kunnen geen rechten worden ontleend.