Vakbondsverlof
De medewerker heeft in een aantal gevallen recht op betaald verlof voor vakbondsactiviteiten. Dit verlof wordt niet in mindering gebracht op het vakantieverlof.
Daarnaast kan aan de medewerker die is benoemd tot bezoldigd bestuurder van een vereniging van ambtenaren, onbetaald verlof worden verleend. Dit verlof kan de werkgever verlenen voor de duur van de vervulling van de functie met een maximum van twee jaar.
Verlof voor vergaderingen
De medewerker heeft recht op betaald verlof om de volgende vergaderingen bij te wonen:
- algemene vergaderingen van verenigingen van ambtenaren;
- algemene vergaderingen van een landelijke groep van gemeentepersoneel van een algemene vereniging van ambtenaren (dus niet alleen voor gemeenteambtenaren). Dit alleen als de medewerker lid is van het hoofdbestuur, bestuurslid is van een landelijke groep of afgevaardigde van een afdeling is. Met een maximum van twee afgevaardigden voor elke vijftig leden van een afdeling en een maximum van tien afgevaardigden in totaal;
- hoofdbestuursvergaderingen als de medewerker lid is van het hoofdbestuur;
- bondsraad- of bestuursraadvergaderingen als de medewerker lid is van de bondsraad of de bestuursraad;
- groepsraadvergaderingen als de medewerker lid is van een landelijke groepsraad;
- één algemene vergadering van de centrale organisatie waarbij de vereniging van de medewerker is aangesloten. De medewerker moet als vertegenwoordiger van zijn vereniging aan die vergadering deelnemen.
Verlof voor overige activiteiten
De medewerker heeft recht op betaald verlof voor de volgende vakbondsactiviteiten:
- het ontplooien van bestuurlijke of vertegenwoordigende activiteiten binnen een centrale van overheidspersoneel, een daarbij aangesloten vereniging of binnen de gemeente. De activiteiten moeten de doelstelling van de centrale ondersteunen. Voor deze activiteiten heeft de medewerker maximaal recht op 216 uur verlof per kalenderjaar;
- het deelnemen aan een cursus, op uitnodiging van een vereniging van ambtenaren. Hiervoor heeft de medewerker recht op maximaal 43,2 uur per twee kalenderjaren.
Om van deze verloffaciliteiten gebruik te kunnen maken moet de medewerker hiervoor zijn aangewezen door een centrale van overheidspersoneel of door een aangesloten vereniging. Het gaat hier om zogenaamde kaderleden. De werkgever kan verlangen dat de medewerker verantwoording aflegt over het verlof door middel van het overleggen van verslagen of uitnodigingen.
Voor parttimers wordt het maximale verlof naar rato aangepast.
Maximale duur van het totale vakbondsverlof
Het totaal aantal uur dat de medewerker vakbondsverlof geniet mag niet meer zijn dan 244,8 uur per jaar. Een medewerker die aan de onderstaande voorwaarden voldoet heeft echter recht op maximaal 316,8 uur per kalenderjaar.
- De medewerker is lid van het hoofdbestuur van ABVAKABO FNV of CNV Publieke Zaak en/of van een vereniging van ambtenaren die bij die centrale is aangesloten.
- De medewerker is lid van het centrale bestuur van CMHF en/of bestuurslid van een sector of sectie van deze centrale.
Voor parttimers wordt het maximale verlof naar rato aangepast.
Lokaal kan het maximaal aantal uur vakbondsverlof waar een medewerker recht op heeft op een lager aantal worden gesteld.
Verlof voor georganiseerd overleg (GO)
De medewerker heeft recht op betaald verlof voor het bijwonen van GO-vergaderingen en één voorvergadering per GO-vergadering. De medewerker moet hiervoor zijn aangewezen als lid van het GO door een vereniging van ambtenaren.
Pensioen- en FPU premie
Als de bezoldiging volledig wordt doorbetaald dan blijft de reguliere premieafdracht gehandhaafd. Bij het niet of niet volledig doorbetalen van de bezoldiging gedurende het verlof ontstaat er een andere situatie. De werkgever draagt gedurende het onbezoldigde verlof de pensioen- en FPU premies af aan het ABP. In dit geval kan de werkgever de premies gedeeltelijk of geheel verhalen op de medewerker.
Als het verlof korter duurt dan drie maanden dan wordt het verhaal van de pensioenpremie gebaseerd op een niet-verlof situatie. Met andere woorden de werkgever verhaalt alleen het werknemersdeel van de pensioenafdracht bij de medewerker. Als het verlof langer duurt dan drie maanden dan kan de werkgever na twee weken de volledige pensioenafdracht verhalen op de medewerker. Dus zowel het werkgevers- als het werknemersdeel.
De FPU-premie kan ongeacht de duur van het verlof (dus ook als het verlof korter duurt dan twee weken) volledig worden verhaald op de medewerker. Zowel het werknemers- als werkgeversdeel kunnen gedurende de hele verlofperiode ten laste van de medewerker komen.
WIA-premie
De WIA-premie is gekoppeld aan de daadwerkelijke betaling van de bezoldiging. Als de werkgever onbetaald verlof verleent draagt hij dus geen WIA premie af.
CAR-UWO artikel
Artikel 6:4
Artikel 6:4:2
Artikel 6:4:6
Lees de letterlijke tekst van deze artikelen
Aan de informatie op deze site kunnen geen rechten worden ontleend.