In de CAR-UWO wordt het vakantierecht bij langdurige ziekte nog beperkt. Deze regelgeving is, zo blijkt uit een uitspraak van het Europese Hof van Justitie van 20 januari 2009, in strijd met de Europese arbeidstijdenrichtlijn. Het Europese Hof oordeelde dat álle werknemers, dus ook zieke werknemers, jaarlijks recht hebben op een vakantie met behoud van loon van ten minste vier maal de arbeidsduur per week. De CAR-UWO zal dan ook (moeten) worden aangepast.
Op dit moment kan artikel 6:2:3 van de CAR-UWO niet volledig worden toegepast. Daarom heeft het CvA een handreiking opgesteld, waarin wordt aangegeven hoe gemeente om kunnen gaan met opname en opbouw van vakantie tijdens ziekte.
Tijdens ziekte mag een medewerker dus ook met vakantie, zij het met toestemming van de bedrijfsarts. Is de medewerker gedeeltelijk ziek, dan moet hij vakantie opnemen alsof geen sprake is van ziekte. De werkgever mag van deze laatste regel afwijken.
Voorbeeld
Cor werkt wegens ziekte 4 uur per dag. Normaal gesproken zou hij 7,2 uur per dag werken. Als Cor een week vakantie wil opnemen, moet hij 36 uur van zijn verlofkaart afschrijven.